Klant aan het woord: bouwbedrijf De Nijs over beperkingen en uitdagingen bij bouwen in Amsterdam

04-06-2021

Het centrum van Amsterdam staat bekend om de vele smalle steegjes, bruggetjes en kades. En veel drukte op schaarse vierkante meters. Een heerlijke stad voor toeristen en dagjesmensen, maar vaak een hele uitdaging voor bouwbedrijven. Een bedrijf dat daar als geen ander over kan meepraten is De Nijs, specialist in binnenstedelijk bouwen, ontwikkelen en renoveren. Het hoofdkantoor staat weliswaar in Warmenhuizen, maar een groot deel van de werknemers van De Nijs is vrijwel dagelijks binnen de A10-ringweg te vinden.

Van Keulen en De Nijs: de kennismaking

De kennismaking tussen Van Keulen en De Nijs was in eerste instantie indirect: De Nijs was vaak hoofdaannemer van grote projecten in Amsterdam, waarbij Van Keulen betrokken was als leverancier van een aantal onderaannemers. In 2018 kwam het tot een directe samenwerking: een groot bouwproject aan de Geldersekade in hartje Amsterdam.

Transport over het water

Het project aan de Geldersekade diende als pilot-project voor transport over het water. Van Keulen leverde over het water bouwmaterialen, maar verzorgde daarbij ook het transport van materialen van andere leveranciers.

Marcel Scheltinga, logistiek manager van De Nijs, legt uit hoe dat ging: ‘Gezien de locatie was transport over het water een logische keuze. Naast transport over het water creëerden we daar ook ruimte óp het water, voor opslag van bouwmaterialen. Van Keulen en De Nijs hebben toen samen een structuur opgetuigd voor vervoer over het water.

Het uitgangspunt was een leverancier aan te wijzen die het grootste deel van de bouwmaterialen kon leveren, maar ook leveringen kon verzorgen voor andere leveranciers. Dus één leverancier voor het ‘last mile’-traject. We noemen dit het cross dock-systeem. Het mes snijdt aan meerdere kanten: minder overlast voor de buurt, minder vrachtwagens op de weg en minder faalkosten voor het project.

Met de combinatie van cross docking en vervoer over water is bij de Geldersekade uitgekomen op 85% besparing op de vervoersbewegingen. Reden voor De Nijs om in het vervolg bij alle projecten binnen Amsterdam eerst te kijken naar vervoer over het water.’

Beperkingen en uitdagingen bij bouwen in Amsterdam

De Nijs, voluit M.J. de Nijs en Zonen B.V, bestaat al meer dan honderd jaar en doet al vanaf vlak na de Tweede Wereldoorlog veel projecten in Amsterdam. Het waren de jaren van de wederopbouw: een tijd vol grote bouwprojecten om de schade van de oorlog te herstellen en Nederland weer letterlijk op te bouwen.

In de loop der jaren bracht bouwen in Amsterdam steeds weer nieuwe en grotere uitdagingen met zich mee: ‘...logistieke puzzels zien we als een uitdaging die bijdraagt aan onze kennis en ervaring’, staat op de site van De Nijs te lezen.

Marcel Scheltinga: ‘Beperkingen en uitdagingen beginnen vaak al op de route naar Amsterdam, met files en opstoppingen. Binnen Amsterdam kunnen vrachtwagens niet overal komen. Je krijgt te maken met de slechte staat van het wegdek en de kades op sommige plaatsen. Een bouwplaats levert al snel overlast op voor de buurt.’

Bouwhekken tegen de gevel

Bij De Nijs zien ze niet op tegen de uitdagingen van het bouwen in de hectiek van de grote stad. Sterker nog, het is hun specialiteit geworden. Marcel Scheltinga zegt hierover: ‘We hebben ons echt gespecialiseerd in bouwen in grootstedelijke drukte. Wij voelen ons prettig op een klein kaveltje. De bouwhekken staan vaak recht tegen de gevel. Je zult ons niet snel tussen de weilanden vinden.’

Milieubeleid van de gemeente

Een ander onderwerp waar bouwbedrijven in Amsterdam mee te maken hebben is het beleid van de gemeente om luchtvervuiling in de stad sterk terug te dringen. Daartoe zijn een aantal beperkende maatregelen ingesteld, zoals milieuzones. Om het meest vervuilende verkeer uit de stad te weren, waaronder busjes en vrachtwagens.
Van deze maatregelen ondervindt De Nijs tot nu toe weinig hinder. Marcel Scheltinga: ‘In de basis halen we met het cross dock-systeem al 75% minder minder vrachten en uitstoot. Daarnaast is er in de bouwwereld nog veel meer winst op dit gebied te behalen door efficiënter werken en meer samenwerken.’
Marcel Scheltinga wijst op een bijzondere kant van de cross dock-manier van werken: ‘Met cross dock kunnen we echt het verschil maken in het terugdringen van overlast voor de omgeving en het terugdringen van faalkosten in de bouw. En het mooie is: het systeem is niet prijsgedreven, maar puur op toegevoegde waarde en op samenwerken.’